Informatie voor nieuwe brugklasleerlingen
Welkom!
Allereerst, wat leuk dat we je in het nieuwe schooljaar op het Keizer Karel College mogen verwelkomen! Op deze pagina informeren wij je over de start van het nieuwe schooljaar en de voorbereidingen die je daarvoor kunt treffen. We geven je de volgende informatie om de overstap van basisschool naar het voortgezet onderwijs zo makkelijk mogelijk te maken:
1. Praktische zaken
2. Brugklaswoordenboek
3. Handige links
Wat gebeurt er in de eerste week?
Het nieuwe schooljaar begint met twee introductiedagen voor alle brugklasleerlingen en is bedoeld om je te laten wennen aan de nieuwe school, de nieuwe klasgenoten en de nieuwe regels. Het introductieprogramma start op de eerste dinsdag na de zomervakantie en omvat allerlei activiteiten. Het volledige programma wordt in week 0 (de laaste week van de zomervakantie) aan jou en je ouder(s)/verzorger(s) toegestuurd.

De eerste lesdag
De reguliere lessen volgens het rooster starten op de donderdag van de eerste lesweek. In de eerste week hanteren wij een verkort rooster, maar daarna zal het basisrooster worden gebruikt.
Basisrooster Verkort rooster
1e uur: 08.30-09.15 uur 1e uur: 08:30-09.05 uur
2e uur: 09.15-10.00 uur 2e uur: 09:05-09:40 uur
3e uur: 10.00-10.45 uur 3e uur: 09:40-10:15 uur
Pauze: 10.45-11.15 uur 4e uur: 10:15-10:50 uur
4e uur: 11.15-12.00 uur Pauze: 10:50-11:20 uur
5e uur: 12.00-12.45 uur 5e uur: 11:20-11:55 uur
Pauze: 12.45-13.15 uur 6e uur: 11:55-12:30 uur
6e uur: 13.15-14.00 uur 7e uur: 12:30-13:05 uur
7e uur: 14.00-14.45 uur 8e uur: 13:05-13:40 uur
8e uur: 14.45-15.30 uur
9e uur: 15.30-16.15 uur
De weg vinden op het KKC
Om je weg te vinden op het KKC vind je
hieronder de plattegrond. De verschillende
vakken zijn ondergebracht in de afdelingen
Talen, Exact, Maatschappij, Kunst en Sport.
Iedere afdeling heeft zijn eigen kleur.
Alle lokalen waar ondersteuning wordt
geboden, hebben groene letters. Op de
plattegrond vind je ook de nummers van
de lokalen met daarvoor de letter Z
(voor de zuidvleugel van het gebouw),
O (voor oostvleugel) en
N (voor de noordvleugel).
Brugklaskamp
Een aantal weken na de start van het nieuwe schooljaar Ieder jaar vindt het brugklaskamp plaats; iets waar iedere brugklasser zich natuurlijk op verheugt! De officiële uitnodiging, het programma en belangrijke informatie volgt in het nieuwe schooljaar.
Wat neem je mee naar school? Welke spullen moet ik aanschaffen?
Naast de boeken die je via VanDijk.nl kunt bestellen heb je ook een aantal anderespullen nodig. Op de basisschool had je waarschijnlijk een laatje onder je tafel waar je wat spullen kwijt kon, daarvoor heb je nu een schooltas nodig. Daarnaast kan je een kluisje huren om bijvoorbeeld je boeken in te leggen, dan is je tas wat minder zwaar.
Wat heb ik dan allemaal nodig?
1. Allereerst een schooltas.
2. Broodtrommel en een drinkfles.
3. Kaftpapier om te zorgen dat je je boeken weer netjes kunt inleveren na gebruik (kijk hier hoe je je boeken moet kaften).
4. Etiketten om op het kaftpapier te plakken met de naam van het vak.
5. Grote en kleine schriften met lijntjes.
6. Schriften met ruitjes.
7. Ringbandmappen met tabbladen.
8. Doorzichtige insteekmapjes.
9. Snelhechters.
10. Voor wiskunde: een geodriehoek, een passer en rekenmachine. Het soort rekenmachine wordt aangegeven in de leermiddelenlijst via VanDijk.
Deze lijst kunt u inzien vanaf 15-7, wanneer zodra u een e-mail ontvangt vanVanDijk ontvangen hebt.
11. Voor lichamelijke opvoeding (gym): goede sportschoenen en kleding.
12. Etui met: pennen, markeerstiften, potloden, gum, puntenslijper, schaar.
”Ouder 1” ontvangt aan de start van de zomervakantie een e-mail van VanDijk meteen instructie voor het controleren van de bestelde boeken. De bestelling kan tot een in de mail vermelde datum goedgekeurd worden. Ook indien u niets goed keurt, dan gaat de bestelling alsnog “automatisch” door.
2. Brugklaswoordenboek
Afdelingsleider: Een afdelingsleider is onderdeel van de schoolleiding en geeft leiding aan een team van docenten en mentoren. De afdelingen op het Keizer Karel College zijn: havo klas 1, 2 en 3 (onderbouw), havo klas 4 en 5 (bovenbouw), vwo klas 1, 2 en 3 (onderbouw) en vwo klas 4, 5 en 6 (bovenbouw).
Bovenbouw: alle klassen in leerjaar 4 tot en met 6.
Brugklas: alle klassen in leerjaar 1. Leerlingen uit de brugklas worden somsbrugpiepers, brugsmurfen of bruggers genoemd. Trek je hier niets van aan, daar heeft iedereen ‘last’ van gehad
Cijfertijd: In Magister (zie verderop) hebben wij cijfertijd aanstaan. Dit betekent dat er alleen op doordeweekse dagen één moment per dag is (namelijk om 17:00 uur) dat Magister heel even opengezet wordt om cijfers die zijn ingevoerd te publiceren. Na publicatie gaat Magister weer dicht, om zo de rust in de avonden en in het weekend te behouden.
Conrector: onderdirecteur van de school.
Decaan: het schooldecanaat is het onderdeel van de leerlingbegeleiding dat zich bezighoudt met de loopbaanoriëntatie van leerlingen. Het stelt zich ten doel om leerlingen te begeleiden bij profiel-, studie- en beroepskeuze en het verstrekken van informatie hierover. Het decanaat werkt met een pagina op de ELO (elektronische leeromgeving) waar leerlingen en ouders informatie kunnen vinden over het proces en waar zij contact kunnen opnemen met de decanen. Als je inlogt als gast, kun je alles lezen.
ELO: ELO staat voor elektronische leeromgeving. Leerlingen kunnen in deze online omgeving alle informatie terugvinden. Denk hierbij aan toetsroosters, informatie over de vakken en huiswerk. Ook de planning gaat via ELO zodat leerlingen digitaal (leren) plannen in plaats van in een papieren agenda.
Excursie: een excursie is een leerzaam uitstapje met de klas of meerder klassen. Denk hierbij aan bijvoorbeeld een museumbezoek.
KKC-uren: 2 uren in het rooster van de 1e en 2e klassen waarin je, onder begeleiding van een docent, je huiswerk kunt maken en kunt werken aan je leer- en studievaardigheden.
Leerlingcoördinator: de mentor is het eerste aanspreekpunt voor leerlingen en ouders/verzorgers. Mocht dat niet voldoende zijn, dan kun je bij de leerlingcoördinator terecht.
Magister: met de applicatie Magister heb je altijd toegang tot je cijfers, studiewijzers en digitaal lesmateriaal. Gewoon op je mobiel of op je computer. Je bent via Magister op de hoogte van de laatste wijzigingen. En je ouder(s)/
verzorger(s)? Die krijgen een eigen account en zijn zo altijd op de hoogte van je behaalde resultaten en rooster. Je wachtwoord en inlog krijg je aan het begin van het schooljaar. Geef je inloggegevens nóóít aan anderen! Ook niet aan je vrienden. Inlog kwijt? ICT verstrekt je nieuwe gegevens. Bekijk hier de folder van Magister. Hier vind je twee video’s waarin wordt uitgelegd waarvoor je Magister kunt gebruiken: Magister in 1 minuut voor leerlingen en Magister in 1 minuut voor ouders.
Mentor: iedere klas heeft één of twee docenten als mentoren. De mentor zorgt er samen met de leerlingcoördinator en de afdelingsleider voor dat het schooljaar voor een klas goed verloopt. De mentoren doen hun best om met leerlingen en ouders een zo goed mogelijk contact op te bouwen. De studielessen (voor de havo- en atheneumbrugklassen en tweedejaars klassen 2 uren en voor de gymnasiumbrugklassen één uur per week) worden door de mentor gegeven. Vooral onze jongste leerlingen krijgen van de mentor zeer veel aandacht, omdat de leerlingen na de
basisschool moeten wennen aan een nieuwe groep leeftijdgenoten, nieuwe vakken, nieuwe docenten en aan een andere omgeving. Het is om die reden dat de mentor samen met haar/zijn brugklas nog vóór het begin van het nieuwe schooljaar een introductieprogramma doorloopt.
Onderbouw: alle klassen in leerjaar 1 tot en met 3.
Ontwikkeldag: op een ontwikkeldag hebben leerlingen geen les. Een ontwikkeldag is voor de bijscholing en ontwikkeling van docenten.
Peermentor: in de brugklas worden de leerlingen, behalve door de mentor, de leerlingcoördinator en de afdelingsleider, begeleid door twee peermentoren per klas. Peermentoren (peergroupmentors) zijn leerlingen uit de vierde klas die de brugklassers helpen bij het wennen op het KKC. Ze zijn aanspreekpunt voor de nieuwe leerlingen en assisteren de mentor. Ook zijn zij aanwezig op de introductiedagen, het brugklaskamp, Sinterklaas- en Kerstfeest, projecten en andere gelegenheden die zich in de eerste klas voordoen. Tijdens open dagen (werving van nieuwe leerlingen) zijn de peermentoren ook actief. Zij vormen een belangrijke schakel op bijvoorbeeld de open middagen.
Rector: de rector is hoofd of directeur van de school.
Spijbelen: ook wel schoolverzuim genoemd, is het opzettelijk niet aanwezig zijn in één of meerdere lessen. De docent vult aan het begin van ieder lesuur digitaal in welke leerling niet aanwezig is. Dit is voor de verzuimcoördinator direct zichtbaar in Magister. Ouders van leerlingen die afwezig zijn en die dit ‘s morgens niet hebben gemeld worden door de verzuimcoördinator direct gebeld. Als een leerling te laat komt, haalt deze bij de balie een te-laat-briefje. De leerling moet zich dan de volgende dag om 8:00 uur melden, tenzij er een geldige reden is en deze reden dezelfde dag aan de afdelingsleider
is gemeld. Niet gemeld is automatisch de volgende dag om 8:00 uur melden!
Toetsweek: per schooljaar heb je 5 toetsweken. Aan het begin van het jaar weet je al wanneer de toetsen zullen plaatsvinden; zo kun je hier ruim van te voren al rekening mee houden.
Tussenuur: dit is een lesuur waarin je geen les hebt omdat deze niet is ingeroosterd of omdat er een les is uitgevallen door bijvoorbeeld en zieke docent.
Zermelo: Dit is het roosterprogramma voor al je lessen en via Zermelo kun je je ook inschrijven voor herkansingstoetsen. Via de applicatie Zermelo op je mobiel of je laptop kun je je rooster bekijken. Ook alle ouders/verzorgers krijgen aparte inloggegevens voor Zermelo om het rooster te raadplegen. Zermelo geeft altijd de meest recente versie weer van het rooster. Magister wordt bij roosterwijzigingen vaak pas iets later bijgewerkt.
3. Handige links
Links naar de verschillende afdelingen
Hier vind je de link naar informatie over jouw afdeling:
Zorg
Heb je extra ondersteuning nodig? Op de pagina Sociaal-emotionele begeleiding lichten we een aantal vormen van begeleiding uit zoals faalangstreductietraining, sociale vaardigheidstraining, trajectvoorziening en zorgcoördinaat.
